Ria Giskes Pieters – tanka

ooit

het moment
dat boomkruinen elkaar
even raken
bewogen door dezelfde wind
eenzelfde gedachtegang

mist die niet oplost
een weg zonder verleden
zonder toekomst —
haar foto uit de tijd
dat ze ons nog herkende

de bomen
laten hun bladeren
moeiteloos gaan
zal ik het ooit leren
loslaten zonder pijn

het blauw van de zee

leraar aardrijkskunde
nog zie ik zijn ogen
met de kleur van de zee —
de blinde kaart voor het bord
niets kon ik aanwijzen, niets

vakantiedorp
aan het eind van elke straat
lokt de blauwe zee
blauw als de ogen van hem
met wie ik zwom, die zomer

heftige golfslag
daarna is het alsof er
geen boot is geweest —
starend naar jouw gezicht
peil ik de diepte

zilvermeeuwen
lichten op en verdwijnen
tussen de golven
op de golfslag van het lot
verdwijnt een vriend soms voorgoed

regenwinter

op hun weg
naar de aarde blijven
veel druppels hangen
aan takken en sprietjes
maar aan je wimpers het mooist

nog geloof ik niet
dat alle sneeuwvelden
zijn verdwenen
al zijn de paden donker
en voel ik niets dan regen

soms gaat regen
geleidelijk over
in vlokjes sneeuw
soms wordt een trieste dag
’s avonds iets lichter

regenwinter
verlangen naar de sneeuw
van vorig jaar
hoe diep waren de sporen
die we toen achterlieten


de aarde beweegt
er komt een stukje omhoog
ach, blinde spitter
maar met open ogen
tast ook ik in het duister

laatste lente
ze sleept zich van mand
naar etensbak —
de kastanjekaarsen
doven langzaam uit

Ria Giskes-Pieters

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *