Richard Gilbert – Poems of consciousness – een tussenverslag

Max VerhartPoems of consciousness

Richard Gilbert, Poems of consciouness – contemporary Japanese and English-language Haiku in Cross-cultural Perspective
Red Moon Press, Winchester VA (SA) 2008. ISBN 1-978-893959-72-9. 302 pp.

De tekst voor de opgavenrubriek in het winternummer was een dag of twee oud, toen ik in Poems of consciousness, van Richard Gilbert las dat de toekomst van de haiku ter discussie staat. Amerikaanse haikugroepen, schrijft hij, hadden een voorliefde voor een strikt traditioneel-klassieke benadering , gebaseerd op het shasei principe van Shiki; met shasei wordt het schetsen naar de natuur bedoeld.
Die benadering is volgens Gilbert niet a priori verkeerd als het erom gaat basisregels, definities en richtlijnen voor de compositie te verkrijgen voor een subgenre in opkomst. Maar daar staat tegenover dat veel gepubliceerde haiku’s ‘formulaic’ zijn, dus volgens de eenmaal ontwikkelde vaste formules worden geschreven, dat het ze ontbreekt aan schrijverscreativiteit en dat ze weinig of geen taalcreativiteit tonen. Tja, zoiets wordt in de opgavenrubriek ook opgemerkt over ons taalgebied…

Terecht signaleert de schrijver dat men zich in de Engelstalige haikupraktijk voornamelijk oriënteert op de Japanse haikutraditie tot en met Shiki. Die overleed inmiddels alweer ruim 100 jaar geleden en van wat er zich daarna op haikugebied in het land van herkomst afspeelde is daarbuiten weinig doorgedrongen. Ook dat geldt eveneens voor ons taalgebied al zijn er heus wel enkele publicaties met vertalingen van moderne (gendai) Japanse haiku’s verschenen en is er zo af en toe ook wel wat in beschouwende en analytische zin over de moderne Japanse haiku gepubliceerd.

Met zijn boek wil Gilbert een intensievere oriëntatie bevorderen op wat er ook over de grenzen heen op haikugebied aan de hand is. Het interculturele perspectief waar hij in de ondertitel over spreekt krijgt vooral op twee manieren gestalte. Het Japanse perspectief bestaat vooral uit interviews met hedendaagse Japanse haikudichters (voor een deel ook te vinden op de bij het boek horende website). En het Engelstalige perspectief wordt geopend in een aantal analytische beschouwingen van Gilbert zelf, waarin hij overigens ook moderne Japanse haiku’s betrekt.

De interviews met de Japanse haikudichters (voor zover tot nu toe gelezen) konden mij zeker niet steeds boeien. Zo betoogt Hasegawa Kai dat de befaamde kikkerhaiku van Basho eigenlijk altijd verkeerd wordt geïnterpreteerd, omdat er steeds aan wordt voorbijgegaan dat de eerste regel ervan (furuike ya / oh oude vijver) als laatste aan het gedicht is toegevoegd. Je moet daarom volgens Kai niet lezen dat er een kikker in het water springt en het geluid van water
veroorzaakt, maar dat het geluid van een kikker die in het water springt het beeld oproept van een oude vijver. ‘Oh ja?’ denk ik dan. Basho mag die ‘vijver’ weliswaar als laatste geconcipieerd hebben, maar hij heeft hem wél vooraan geplaatst. Als hij bedoeld had dat we die paar woorden ook als laatste zouden ervaren, had hij ze wel aan het eind gezet.

Meer hout snijdt dezelfde Hasegawa Kai mijns inziens als hij het heeft over ‘kireji’ (snijwoorden) en ‘ma’, het effect dat volgens hem met kireji beoogd wordt. Dat begrip ‘ma’ is voor een westerling (althans uw recensent) lastig te vatten. Er zit zoiets in als ‘leegte’ en ‘afwezigheid’, maar tegelijkertijd iets als diepte. De snijwoorden in een haiku zijn dus (mede) bedoeld om ruimte te scheppen voor noties die voorbij de taal liggen. Zo begrijp ik het (en zo wil ik het ook graag begrijpen). Die opvatting valt naar mijn gevoel goed te rijmen met wat Gilbert zelf aansnijdt in het hoofdstuk ‘The disjunctive dragonfly’ (De disjunctieve libelle). Kernbegrip is hier het begrip disjunctief, dat op zich alweer niet makkelijk te vatten is. Van Dale omschrijft het als ‘scheidend, waarbij bep. aspecten uitgezonderd worden’ – een uitleg die ook niet direct het licht aan doet. In het betoog van Gilbert wordt disjunctie kennelijk gezien als een westerse pendant voor de Japanse snijwoorden. Bij disjunctie wordt het gedicht niet ‘gesneden’ door snijwoorden, spaties of leestekens (al kan dat ook), maar door bijvoorbeeld een betekenisverschuiving. Een voorbeeld is het gedicht van Jim Kacian, waaraan het hoofdstuk
mede zijn titel ontleent:

my fingerprints                             (mijn vingerafdrukken
on the dragonfly                            op de libelle
in amber                                         in barnsteen)

De eerste twee regels zijn wat verwarrend: vingerafdrukken op een libelle? Tot je na de derde regel beseft dat het een gefossiliseerde libelle is, gevangen in barnsteen, en dat die vingerafdrukken dus op de barnsteen staan. De lezer is als het ware eerst op het verkeerde been gezet door een ‘disjunctieve perceptie’ van de tekst. En zo onderkent de auteur in totaal 17 vormen van disjunctie, die hij allemaal aan de hand van voorbeelden de revue laat passeren. Stuk voor stuk technieken die de lezer als het ware even ontregelen, prikkelen, verrassen of op een andere manier bij de les houden.

Verrassend voor uw recensent was het om in een eerder hoofdstuk zijn eigen naam aan te treffen. Daarin reageert Gilbert namelijk kritisch op de samenvatting van de haikuopvatting van negenentwintig westerse haikudichters die vorig jaar werd gepubliceerd*. Gilbert betoogt dat in die samenvatting nogal wat niets- of weinigzeggende elementen zitten. Haiku is ‘een korte vorm van poëzie’ staat er bijvoorbeeld in. Maar, vraagt Gilbert: geldt dat niet voor de meeste gedichten die de laatste vijftig jaar gepubliceerd zijn? En in haiku zou het om ‘inzicht’ gaan. Ook dat zegt weinig, want er is, zegt Gilbert, nauwelijks een dichter te vinden die zal tegenspreken dat het in zijn werk om inzicht gaat. Tja. Daar heeft hij wel gelijk in.

De auteur doet vervolgens een aantal suggesties om op basis van andere kenmerken tot een karakterisering van de haiku te komen. Daarbij oriënteert hij zich onder meer op hedendaagse Japanse en westerse haiku’s, die soms heel vervreemdend werken, die futuristisch zijn, een mythische dimensie aannemen, maar ook wel haiku’s die veel dichter bij de gangbare werkelijkheid staan. In alle gevallen overigens lijkt kire – het ‘snijden’ van het gedicht – een van de meest onderscheidende kenmerken te zijn. En dat komt op mij behoorlijk overtuigend over. Maar ook de beknoptheid, zelfs onvolledigheid, die vele (geslaagde) haiku’s meerduidig maakt, zou veel bepalender voor het wezen van haiku kunnen zijn dan wat sleetse opvattingen over haikumoment, inzicht, (on)toelaatbaarheid van metaforen en antropomorfisme, en dergelijke. Haiku’s, zegt Gilbert zijn bewustzijnsgedichten (poems of consciousness), gedichten die inspelen op (en spelen met) onze perceptie van de werkelijkheid. Dat komt naar mijn gevoel redelijk in de buurt van mijn opvatting dat het in een haiku om het beleven van het zijn gaat. Maar daarmee wordt wel een deur open gezet naar de psychologische en filosofische context en achtergrond van dat kleine gedichtje…

Tot zover dit tussenverslag. Want een boekbespreking is in mijn opvatting het verslag van een leeservaring. En in dit geval is de bladwijzer bij het schrijven van deze bespreking halverwege het boek blijven steken. Het is namelijk bepaald zware kost die Gilbert op tafel zet.
Dat zit hem misschien niet zozeer in de ingrediënten, als wel in de bereiding en het opdienen. De schrijver, die zijn doctorstitel kennelijk graag eer aandoet, gebruikt bijvoorbeeld een technisch jargon, waar je met je middelbare-school-Engels niet doorheen komt. Bovendien zijn zijn betogen behoorlijk uitputtend en schroomt hij niet aan te haken bij actuele filosofische en psychologische discussies die voor de leek behoorlijk hoog gegrepen zijn. Kortom: zeer rustig lezen is geboden. Wordt dus mogelijk vervolgd.

* Max Verhart: The essence of haiku as perceived by Western haijin. Modern Haiku 38/2, 2007.
De Nederlandse versie is te vinden in Vuursteen 2006/3: Op zoek naar het wezen van haiku (3).

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *